|
IDENTITEIT: orde: Anura; familie: Dendrobatidae. |
|
EERSTBESCHRIJVING:in 1797, door Cuvier, als Rana tinctoria |
|
SYNONIEM: Calamita tinctorius, Dendrobates azureus, Dendrobates machado |
|
NEDERLANDSE NAAM: blauw gifkikkertje |
|
MAXIMALE GROOTTE: 45 mm |
|
GESLACHTSONDERSCHEID: vrouwtjes hebben vaak grotere vlekken op de rug, maar dit is, gezien de kleurvariatie, geen betrouwbaar geslachtskenmerk |
Ruim terrarium |
HOUDBAARHEID: deze relatief grote kikker dient in vergelijking tot andere Dendrobatus-soorten in een toch wat ruimer terrarium gehouden te worden en dit afhankelijk van het aantal dieren. Soms gaat het houden in een groep goed, maar om voortplanting in het terrarium te verkrijgen houdt men ze best per koppel of in een trio. Een terrarium van 50 x 50 x 50 cm is dan een goede maat. Het terrarium inrichten met vochtabsorberende materialen (bijv. varenwortel), een boomstronk en eventueel een aantal stenen rond een waterstroompje. Enkele grotere bromelia's vervolledigen de inrichting. |
|
|
Milieu dag / nacht |
Terrarium dag / nacht |
Kweek |
Temperatuur °C |
22 - 27 / 20 |
26 / 22 |
25 |
Relatieve vochtigheid % |
70 - 90 / 80 - 95 |
70 / 90 |
80 |
Licht |
zon |
TL |
TL |
|
|
VERSPREIDING: Zuid-Suriname |
|
|
|
VERSPREIDINGSGEBIED: Zuid-Suriname, op de hellingen van het Vier Gebroeders Gebergte in het oosten van de Sipaliwini Savanne. |
|
BIOTOOP: in directe omgeving van kreken en boseilanden op hellingen. Daar waar de eilanden en kreken worden omgeven door grote met mossen en varens begroeide blokken. |
Vrij actief |
GEDRAG: overdag vrij actief kikkertje |
|
VOEDSEL: insecten, wasmotlarven, grote en kleine fruitvliegen, larven van rijstmeelkevers, ... |
|
KWEEK: een veeleer klein aantal eieren (3-5) wordt bij voorkeur in een holletje - bijv. een halve kokosnoot waaronder een pyrietschaaltje - afgezet. Het mannetje verzorgt de eitjes, maar de meeste kwekers halen ze weg om deze kunstmatig verder op te kweken. Waar zie je nog dieren die op natuurlijke wijze hun larven naar het water brengen? De larven komen na ca. 3 weken uit. Ze zijn carnivoor en kannibalistisch. Bij een lengte van 3,5 tot 4 cm metamorfoseren ze na ongeveer drie maanden. Na anderhalve maand zijn ze geslachtsrijp. |
|
BIJZONDERHEDEN: de Sipaliwini savanne sluit aan op de Paru Savanne in Brazilië. Volgens onbevestigde geruchten zou ook daar voorkomen. |