Foto: Werner Bleys
IDENTITEIT: orde: Gasterosteiformes; familie: Syngnathidae. | |||||||||||||||||||||||||
EERSTBESCHRIJVING: in 1852 door P. Bleeker als Hippocampus kuda in "Natuurkundig Tijdschrift Nederlands Indië", 3:82. | |||||||||||||||||||||||||
SYNONIEM: H. taeniops, H. rhynchomacer | |||||||||||||||||||||||||
NEDERLANDSE NAAM: geel zeepaardje. | |||||||||||||||||||||||||
MAXIMALE GROOTTE: in de natuur tot 30 cm, doch in het aquarium niet groter dan 20 cm. | |||||||||||||||||||||||||
GESLACHTSONDERSCHEID: mannetje bezit broedbuidel. | |||||||||||||||||||||||||
Goed houdbaar. Zeer rustig gezelschap. |
HOUDBAARHEID: zeer goed houdbaar, mits juist gehouden. Ongeschikt voor het gezelschapsaquarium. Ideaal voor het lagere dierenaquarium, mits het ontbreken van zeeanemonen en cilinderrozen. Houdt zich veelvuldig vast aan allerlei obstakels door er zijn staart rond te draaien. Moeten eigenlijk constant voedsel ter beschikking hebben. Alleen in gunstige omstandigheden kleuren ze geel, anders zijn ze donkerder tot zwart. De maximale levensduur zowel in het aquarium als in de natuur, bedraagt 3 jaar. | ||||||||||||||||||||||||
|
|
||||||||||||||||||||||||
VERSPREIDING: Indische en Stille Oceaan. | |||||||||||||||||||||||||
![]() |
![]() |
||||||||||||||||||||||||
BIOTOOP: leeft in los groepsverband in zeegras- en algenvelden, waar de stroming wat geringer is. | |||||||||||||||||||||||||
Vredelievend. |
GEDRAG: zeer rustige bewoner, die uren- tot dagenlang vast op dezelfde plaats geankerd kan leven. Totaal ongeschikt voor gezelschap met levendiger soorten. Niet agressief tegenover medebewoners of soortgenoten. Verlangt een wat rustiger bewegend water. Slechte zwemmers. Hebben vaak last van gasontwikkelingen in de broedbuidel. | ||||||||||||||||||||||||
Veel levend voer. | VOEDSEL: eten alle levend voer dat niet te groot is voor hun muil, zoals Mysis, watervlooien, Artemia, vlokreeftjes, enz... Volwassen exemplaren kunnen zelfs jonge guppyÕs aan. Grote eters, kunnen grote hoeveelheden verwerken. | ||||||||||||||||||||||||
Kweek en opfok mogelijk. | KWEEK: plant zich gemakkelijk voort in aquaria. Vrouwtje legt tot 200 eieren in de broedbuidel van het mannetje. Draagtijd 15 tot 20 dagen. Pasgeboren jongen zijn groot te brengen met Artemia-naupliën, maar dit is zeker niet gemakkelijk. Moeten constant in het voer staan. Nachtverlichting! Na 6 tot 7 maanden zijn ze terug geslachtsrijp. | ||||||||||||||||||||||||
BIJZONDERHEDEN: |